Je eigen contract uitvoeren: dat valt nog niet mee!

 

In 2017 was Jeroen Spanjer als adviseur omgeving bij Rijkswaterstaat West Nederland Zuid nauw betrokken bij de totstandkoming van het contract voor de grootschalige onderhoudswerkzaamheden aan de rijkswegen in Zuid-Holland. Sinds begin dit jaar zit hij letterlijk aan de andere kant van de tafel en is als omgevingsmanager bij Aannemingsmaatschappij Van Gelder betrokken bij de uitvoer van precies datzelfde contract. Hoewel hij in 2017 zeer tevreden was over het opgestelde contract, blijken er nu bij de uitvoering toch nog wel de nodige haken en ogen aan te zitten…  In dit artikel verschaft Jeroen inzicht in de verschillen tussen theorie en praktijk.

 

Uitdaging 1: Meegeleverde informatie blijkt niet (meer) correct

Bij het opstellen van het contract in 2017 hielden wij zoveel mogelijk rekening met voor de aannemer relevante informatie, zodat zij een goede inschatting kunnen maken van de omvang van het werk. Hierbij kun je denken aan informatie over de staat van de weg (zoals verhardingsonderzoeken), het in kaart brengen van de reeds afgestemde weekendafsluitingen en belijning en detectielussen per weg. En natuurlijk een overzicht van de wegvakken die aangepakt moeten worden en de bijbehorende maatregelen daarvoor.

Ik overdrijf maar een heel klein beetje als ik zeg dat nagenoeg alle aangeleverde informatie in de praktijk niet (meer) correct blijkt te zijn: stukken weg die aangepakt moeten worden, blijken er prima bij te liggen. Terwijl andere stukken er juist erg slecht aan toe zijn. Ook de belijning op tekening wijkt af van de situatie op de weg en een deel van de stakeholders blijkt helemaal niet vooraf door Rijkswaterstaat op de hoogte gesteld te zijn van de weekendafsluitingen. Dat niet alle informatie up to date was, was een ingecalculeerd risico; er zit immers een paar jaar tussen het constateren van schades en het daadwerkelijk repareren ervan. Maar dat de omvang van de afwijkingen zo groot was, was toch wel even schrikken!

 

Oplossing

In het begin moest er veel ad hoc worden geschakeld bij onverwachte situaties. Dit kostte zowel Van Gelder als Rijkswaterstaat veel tijd en energie en was dan ook voor beide partijen een onwenselijke situatie. Daarom gaat Van Gelder, in overleg met Rijkswaterstaat, zelf alle wegvakken inspecteren en de belijning en detectielussen inmeten. Door deze inspanning aan de voorkant, hoeft er minder ad hoc gereageerd te worden.

 

Uitdaging 2: Verkeerskundige randvoorwaarden blijken niet realistisch

Van de 22 weekendafsluitingen die in 2018 zijn voorzien, zijn er acht speciale gevallen. Bij deze “speciaaltjes” mag de volledige rijbaan niet worden afgesloten, omdat bepaalde verkeerstromen altijd moeten kunnen passeren. In 2017 heb ik samen met de verkeerskundigen van Rijkswaterstaat veel tijd en energie gestoken in het bepalen van de verkeerskundige randvoorwaarden voor deze “speciaaltjes”. Zo hebben we onder andere in kaart gebracht hoeveel rijstroken en welke verbindingen er open moeten en op welke tijdstippen.

Ik was er echt van overtuigd dat we dit vooraf goed hadden uitgezocht. In de praktijk blijken er echter een aantal praktische zaken, zoals de benodigde veilige ruimte, de tijd die nodig is om asfalt te laten afkoelen en de aanwezigheid van een weefvak, die er veel gevallen voor zorgen dat de beoogde werkzaamheden eigenlijk helemaal niet binnen de gestelde randvoorwaarden gemaakt kunnen worden. Er moet altijd ergens water bij de wijn gedaan worden: ofwel op technisch vlak (toch een naad in het asfalt) ofwel op het vlak van de verkeersafwikkeling (toch een extra nachtelijke afsluiting).

Dat Rijkswaterstaat (ik!) dit vooraf niet goed had ingeschat, komt voornamelijk doordat we alleen uitgingen van de locatie van het wegvak. We hielden onvoldoende rekening met de ruimte die je nodig hebt om je asfaltmachine op te stellen. Met name op knooppunten bleek het regelmatig voor te komen dat de andere verkeersstroom belemmerd werd.

 

Oplossing

Om dergelijke raakvlakken beter in beeld te krijgen, heeft Van Gelder alle wegvakken ingetekend in Google Earth. Deze grafische weergave van de wegvakken werkt niet alleen heel prettig in de afstemming met de verkeerskundigen, maar geeft ook de andere stakeholders een veel beter beeld van waar we wel (en niet) aan het werk zijn.

 

Uitdaging 3: Scopewijzigingen passen niet binnen de randvoorwaarden

De combinatie van uitdaging 1 en 2 resulteert in een nieuwe uitdaging: door de gewijzigde situatie moet de scope worden uitgebreid. Daar waar de originele scope al niet binnen de gestelde kaders paste, wordt het bij een uitbreiding van de scope een nog grotere uitdaging. In mijn oude rol kon ik nog zeggen: “nou aannemer, succes ermee!” maar in mijn nieuwe rol moet ik daadwerkelijk met een oplossing komen.

Gelukkig is het bedenken van een oplossing het leukste onderdeel van werken bij de aannemer. De technische mannen kunnen namelijk 1001 verschillende uitvoeringsvarianten bedenken! Bovendien beschik ik nu over een groot voordeel: dankzij mijn ervaring aan de andere kant van de tafel, kan ik van tevoren goed inschatten welke van die varianten het meest geschikt is en op draagvlak bij Rijkswaterstaat en de omgevingspartijen kan rekenen.